De negen grootste voedselmythes ooit 4.5/5 (2)

Geplaatst door: Redactie Earth Matters
Bron: Mercola

De negen grootste voedselmythes ooit

(Earth Matters | Jeff Roberts | vertaling voor Earth Matters door Joke Lochmans) Met de opkomst van het internet is een enorme hoeveelheid informatie beschikbaar gekomen over gezondheid. Aan deze vloedgolf van informatie kleefde echter ook een fors nadeel: een grote hoeveelheid misleidende en onbetrouwbare informatie.

In vergelijking met andere onderwerpen is niets zo gevaarlijk als onjuiste informatie over voedsel en voedingsgewoontes te verspreiden. Als een mythe op het gebied van voedsel voortdurend herhaald wordt, wordt het al snel een cultureel geaccepteerde waarheid en dat is gevaarlijk voor het publiek. Daarom worden in dit artikel een paar van de meest wijdverbreide en onjuiste ‘feiten’ over voeding besproken.

9) Eieren zijn slecht voor je gezondheid en vooral voor je hart
Eieren hebben de laatste jaren een slechte reputatie gekregen, hoofdzakelijk door de cholesterolmythe. Er zijn echter een paar recente studies die deze mythe ontkracht hebben.

Een onderzoek gepubliceerd in het British Medical Journal concludeerde dat een grotere consumptie van eieren, tot een ei per dag, niet gepaard gaat met een verhoogde kans op hart- en vaatziekten of een beroerte. Eieren verhogen zelfs het gehalte aan ‘goed’ cholesterol (het zogenaamde HDL-cholesterol) dat helpt het gehalte aan ‘slecht’ cholesterol te verlagen.

Eieren hebben gunstige effecten op de gezondheid:
Zo bevatten eieren zes gram aan eiwit van een hoge kwaliteit, dat alle aminozuren bevat die we nodig hebben.
Ze bevatten veel luteïne en zeaxanthine, antioxidanten die helpen je ooglens en netvlies gezond te houden en ziekten zoals staar en maculadegeneratie te voorkomen.
Eieren zijn een goede bron van choline, een van de B-vitaminen.
Het is een van de weinige voedingsmiddelen die van nature vitamine D bevatten.
Ook bevatten eieren zwavel, dat onmisbaar is voor gezond haar en gezonde nagels.

Het is wel heel belangrijk dat je biologische graseieren eet.

8) Alle verzadigde vetzuren zijn ongezond
Deze mythe is gebaseerd op een nooit bevestigde bewering van tientallen jaren geleden. De waarheid? Er is geen enkel significant bewijs dat verzadigd vet in het dieet verband houdt met een verhoogd risico op hart- en vaatziekten en beroertes. Dit is gebleken uit een meta-analyse waarin gekeken werd naar de onderzoeksgegevens van 347.747 personen.

Zoals al eerder genoemd verhogen de verzadigde vetten uit voedingsmiddelen als eidooiers, kokosolie en avocado juist het goede cholesterol, dat op zijn beurt weer de hoeveelheid slecht cholesterol verlaagt.

Verzadigde vetten uit de juiste voedingsmiddelen leveren de bouwstenen van celmembranen en een variëteit aan hormonen en hormoonachtige stoffen en zijn dragermoleculen voor de vetoplosbare vitaminen A, D, E en K. Verder zijn ze nodig bij de omzetting van caroteen in vitamine A.

Gezonde bronnen van verzadigd vet zijn noten, zaden, kokosolie, organische notenoliën, eieren, avocado’s en vlees van met gras gevoede dieren.

7) Het ontbijt is de belangrijkste maaltijd van de dag

Er is nieuw bewijs dat erop wijst dat intermitterend vasten een aantal belangrijke voordelen heeft voor de gezondheid. Door niet te ontbijten en pas iets te eten rond 11 uur ’s ochtends geef je je lichaam een langere periode zonder voedsel. Hiervan is aangetoond dat het net zo effectief is als caloriebeperking voor het verliezen van lichaamsvet.

Vasten leidt ook tot een toename van de productie van groeihormoon van 1200 % voor vrouwen en 2000 % voor mannen.

Er zijn nog meer voordelen aan vasten verbonden: het doet ontstekingsverschijnselen afnemen, vermindert insulineresistentie, verlaagt de bloeddruk en verlaagt het vetpercentage van het lichaam. Intermitterend vasten kan ook het functioneren van de hersenen verbeteren doordat het de productie verhoogt van BDNF, een eiwit dat de hersencellen beschermt tegen veranderingen die in verband worden gebracht met de ziekte van Alzheimer en de ziekte van Parkinson.

6) Eet zes kleine maaltijden per dag in plaats van drie grote maaltijden
Er lijkt een duidelijke logica ten grondslag te liggen aan het eten van zes kleine maaltijden; men eet namelijk kleinere porties en de bloedsuikerspiegel is stabieler. Deze claims zijn echter nooit bewezen. Er bestaan zelfs studies die aantonen dat er geen verschil is in metabolisme of vetverlies tussen mensen die zes kleine maaltijden eten en mensen die drie grote maaltijden eten, waarbij de totale hoeveelheid voedsel in beide groepen gelijk was.

We weten ook dat onze voorouders zich niet voortdurend aan allerlei lekkers tegoed deden en zij hadden ook niet 24 uur per dag toegang tot een supermarkt. Het is waarschijnlijker dat onze voorouders regelmatig perioden van vasten moesten doormaken en daarna grote maaltijden aten.

Verder is het zo dat als we een periode niet eten onze cellen van afvalstoffen ontdaan worden door een proces dat autofagie genoemd wordt.

5) Omega-6 vetten uit zaden en plantaardige oliën zijn gezond
Het is weliswaar cruciaal voor onze gezondheid dat we omega-6 vetten binnenkrijgen met ons eten, maar het belangrijkste is dat de meeste mensen teveel omega-6 vetten binnenkrijgen, waarvan het grootste deel afkomstig is van bewerkte zaden en plantenoliën.

Mensen hebben een uitgebalanceerde ratio van 1:1 nodig aan omega-6 en omega-3 vetten. In het westen krijgen de meeste mensen 20-50 maal meer omega-6 vetten binnen dan omega-3 vetten, wat tot problemen kan leiden.

Een studie toonde aan dat teveel omega-6 vetten uit bewerkte oliën een belangrijke risicofactor is voor hart- en vaatziekten.

Zorg ervoor dat je voldoende omega-3 binnenkrijgt uit de juiste bronnen, zoals vlas- en chiazaden en levertraan, en eet minder omega-6 vetten uit bewerkte oliën zoals zonnebloemolie en andere plantaardige oliën.

4) Kunstmatige zoetstoffen zijn veilige suikervervangers voor diabetici en helpen bij gewichtsverlies
Ik herinner me dat ik als kind zag hoe mijn oma zoetjes in haar thee deed en zei dat ze dat deed omdat ze diabetes had. Had ik toen maar geweten wat ik nu weet!

Een onderzoek uit 1986, waaraan bijna 80.000 vrouwen meededen, liet zien dat de vrouwen die kunstmatige zoetstoffen gebruikten een significant grotere kans hadden op gewichtstoename dan vrouwen die geen zoetstoffen gebruikten, ongeacht hun gewicht aan het begin van het onderzoek.

Een recenter onderzoek laat dezelfde resultaten zien. De onderzoekers zeiden het volgende: “Verschillende prospectieve cohortstudies hebben een positieve correlatie gevonden tussen het gebruik van suikervervangers en gewichtstoename. Wanneer deelnemers aan het onderzoek gematcht werden naar BMI bij aanvang van de studie, geslacht, etniciteit en voedingsgewoonten, dan bleek steeds weer dat mensen die dranken met kunstmatige zoetstoffen drinken bij de follow-up een hogere BMI hadden die samenhing met de hoeveelheid zoetstoffen die ze gebruikten.”

Een ander onderzoek, gepubliceerd in PLoS One, toonde aan dat chronische, levenslange blootstelling aan aspartaam, die al in de baarmoeder begint, op den duur leidt tot veranderingen in bloedwaarden die te maken hebben met de glucosestofwisseling en een nadelig effect hebben op het ruimtelijk inzicht en het geheugen van muizen. Dat wil zeggen dat het de insulinereactie van het lichaam ontregelt, wat een risicofactor is voor het ontwikkelen van diabetes type 2.

3) Voedingsmiddelen met een laag vetgehalte helpen om af te vallen
Om het gebrek aan smaak van voedsel met een laag vetgehalte te compenseren, voegen voedselfabrikanten meestal suiker toe in de vorm van fructose-glucosestroop of kunstmatige zoetstoffen. Zoals al eerder besproken, zijn kunstmatige zoetstoffen sluipmoordenaars.

Het idee dat vet slecht voor ons is, stamt uit de jaren zeventig, toen de VS voor het eerst richtlijnen voor goede voeding publiceerde. Zij deden verzadigde vetten in de ban, terwijl we net gezien hebben dat ze onmisbaar zijn voor de gezondheid, en gaven ruim baan aan suiker en geraffineerde koolhydraten. Het is interessant dat de obesitasepidemie rond dezelfde tijd begon…

2) Koolhydraten en granen zouden de belangrijkste bron van calorieën moeten zijn
Er bestaat tegenwoordig een oorlog tussen mensen die een dieet met veel vet en weinig koolhydraten eten en mensen die het omgekeerde doen.

De algemene opinie is nog steeds dat 50-60 % van je dagelijkse calorie-inname zou moeten komen van complexe koolhydraten, maar steeds meer diëtisten spreken de laatste tijd deze opvatting tegen. Koolhydraten, vooral die in volkorenbrood, ontbijtgranen en pasta (maar niet die in groenten en fruit) zorgen voor een piek in de insuline- en leptineniveaus in het bloed, wat een van de belangrijkste oorzaken is van vele chronische ziekten.

Een dieet dat laag is in vet en hoog in koolhydraten werkt gewoon niet voor Noord-Amerikanen, aangezien er nog nooit in de geschiedenis zoveel mensen zijn geweest met ernstig overgewicht. Dit dieet kan weliswaar gezond zijn voor mensen die slank zijn, maar mensen met ernstig overgewicht of die aan het metaboolsyndroom lijden (vertaler: een combinatie van hoge bloeddruk, overgewicht, te hoge glucosewaarden en een te hoog gehalte aan bepaalde vetzuren) moeten zich verre houden van dergelijke voedingsgewoonten, zo wijzen deze onderzoeken uit.

Zoals al eerder uitgelegd, is een dieet met een hoog gehalte aan vetten uit de juiste bronnen essentieel voor je algehele gezondheid. Er zijn 23 juist uitgevoerde wetenschappelijke studies die bevestigen dat een dieet met veel vet en weinig koolhydraten beter is.

1) Soja is gezond
Door slimme marketingtechnieken staat soja bekend als een zeer gezond voedingsmiddel, maar er is veel meer over te zeggen dan deze simpele claim.

Meer dan 90% van de in de VS geproduceerde soja is genetisch gemodificeerd en de planten worden bespoten met het onkruidbestrijdingsmiddel Roundup, dat in verband gebracht wordt met nadelige effecten op de gezondheid.

De meeste soja die in het westerse dieet geconsumeerd wordt, is bewerkt, in de vorm van sojaolie. In 1999 bestond zelfs 7% van het dieet van de gemiddelde Amerikaan uit sojaolie, dat verkregen wordt via een proces waarbij met behulp van hexaan olie uit de bonen wordt gewonnen.

Sojabonen bevatten inderdaad goede voedingsstoffen, maar ze bevatten ook fytaten, stoffen die ervoor zorgen dat het lichaam bepaalde voedingsstoffen niet goed kan opnemen.

Soja bevat ook een hoog gehalte aan biologisch actieve stoffen genaamd isoflavonen, die werken als fyto-oestrogenen Deze plantaardige componenten kunnen oestrogeenreceptoren in het menselijk lichaam activeren; soja verstoort dus de werking van hormonen.

Wanneer is soja wel gezond? Soja is wel gezond als het gefermenteerd is. Tempeh, natto en miso (Japanse sojaproducten) bestaan uit gefermenteerde soja die een lager gehalte hebben aan fytinezuur en andere anti-nutriënten en die ook bacteriën bevatten die een gunstig effect op onze darmen hebben.

Ken jij nog meer voedingsmythen die algemeen voor waarheid gehouden worden? Deel ze met ons door hier commentaar te leveren!

Bron: Dr. Mercola

Print Friendly

Please rate this