Afvallen: geen kilo’s maar centimeters verliezen 3/5 (2)

Afvallen: geen kilo’s maar centimeters verliezen

Als je wilt gaan afvallen wil je graag kilo’s verliezen. Dus wordt afvallen gelijkgesteld met het verliezen van gewicht. Dit is niet terecht en misleidend. Het is namelijk veel belangrijker om vet te verliezen en centimeters te verliezen.

Centimeters verliezen geeft een strakker figuur, een betere gezondheid en wat een fijn gevoel geeft is dat onder andere je kledingmaat kleiner wordt. Je voelt je over het algemeen ook vele malen beter. Hier gaat het uiteindelijk om bij het afvallen. Of je hierbij ook gewicht verliest is een bijzaak. Al zullen velen dit betwisten.

Ga eens bij jezelf na welke doelen jij je hebt gesteld bij het afvallen?
Dit zullen hoogstwaarschijnlijk de volgende doelen zijn:
– Een beter en strakker figuur, er beter uitzien en een lichaam om trots op te zijn
– Een verbeterde gezondheid, minder medicatie, minder last van kwaaltjes
– Jezelf goed voelen

Zoals je ziet draait het niet noodzakelijkerwijs om kilo’s verliezen om deze doelen te bereiken, maar worden deze doelen met name bereikt door het verlies van vet en dus vermindering van je vetpercentage. Het is veel belangrijker om je vetpercentage te meten dan je lichaamsgewicht te wegen.
Afvallen is dus niet hetzelfde als gewicht verliezen!
Echter onze associatie tussen afvallen en gewichtsverlies is er zo sterk in gepompt door onder andere de media dat het bijna altijd als synoniem wordt gebruikt. Dit idee is zo misleidend dat het psychologische effect ervoor zorgt dat je gefrustreerd raakt als je niets op de weegschaal ziet gebeuren en met het dieet wil ophouden als er zogenaamd niets gebeurd.

Wat is nu lichaamsgewicht?
Lichaamsgewicht is in feite niets meer dan de optelsom van botten, spieren, organen, vocht en vetweefsel. Botten, organen en spieren wil je graag behouden. Spieren kun je verbranden door te weinig eiwitten te nemen, maar dat is in het geheel niet de bedoeling. Daarnaast heb je spieren nodig om vet te verbranden. Vocht en vetweefsel kun je wel verminderen. Al moet je niet alle vocht uit je lichaam willen verwijderen aangezien je voor een groot deel uit vocht bestaat.
Het zal duidelijk zijn dat niet iedereen hetzelfde gewicht heeft en dat elk lichaam anders reageert door de processen en metabole werking van het lichaam.

Er zijn maar weinig mensen die een ideaal lichaamsgewicht hebben. Veel mensen zitten erboven en sommige mensen zitten er onder. Vaak is het niet eenvoudig precies te zeggen wat nu het ideale lichaamsgewicht voor een bepaalde persoon is. Wat de een ideaal noemt, hoeft voor een ander niet óók het geval te zijn. Met name de mode en media heeft een duidelijke invloed op wat een aantal mensen voor zichzelf het ideale lichaamsgewicht vinden.

Dit alles neemt niet weg dat er wel getallen zijn waarbinnen het in medisch opzicht gunstige lichaamsgewicht zou moeten liggen. Daarbij is dan rekening gehouden met de leeftijd, lengte en met de zwaarte van de botten en de hoeveelheid spierweefsel. Zo zal een breed gebouwde en gespierde sportman met een bepaalde lichaamslengte doorgaans meer wegen dan een even lange, tenger gebouwde man die niet regelmatig zware lichamelijke inspanning levert.

Een te hoog lichaamsgewicht is in feite niets anders dan de aanwezigheid van een teveel aan vetweefsel. Vooral in de buikwand, maar ook wel elders, is dat vet gemakkelijk te constateren. Als in staande houding een flinke huidplooi van de buik tussen de vingers kan worden beetgepakt, dan is het voornamelijk vet dat men tussen de vingers heeft.

Te veel vet in het lichaam is zeker niet onschadelijk. Aderverkalking, met als gevolg bijvoorbeeld een hoge bloeddruk, een hartinfarct of een beroerte heeft vaak alles te maken met het grote lichaamsgewicht. Verkeerde voedingsgewoonten, zoals transvetten en te veel koolhydraten leveren de voedingsbodem voor de latere klachten. Klachten die overigens nog met een veelvoud kunnen worden uitgebreid. Een te hoog lichaamsgewicht is dus bijna altijd het gevolg van verkeerd eten. Vaak zit het daarbij niet zozeer in de hoofdmaaltijden als wel in de hapjes als snacks tussendoor, in drankjes enz.

Slechts een enkele keer zit er achter vetzucht een aandoening. Dat kan bijvoorbeeld een te traag werkende schildklier zijn. Klachten over snel moe zijn en het gauw koud hebben, altijd een laag, langzaam tempo hebben, zonder te veel te eten toch in gewicht aankomen als ook een zwelling in de hals kunnen op een schildklieraandoening (struma) wijzen. Met medicijnen kan dit probleem doorgaans wel worden verholpen. Ook door het te snel werken van de bijnieren of door het gebruik van medicijnen die bijnierhormonen bevatten, kan vetzucht ontstaan. Het vet zit dan vooral op de romp. Een opgeblazen gezicht treedt hierbij eveneens vaak op.

Wat gebeurt er nu in je lichaam als je gaat afvallen?
Niet alleen bij koolhydraatarm afvallen, maar ook wat bij andere afvalmethodes gebeurt, is het doel om je vetpercentage te verminderen.
De theorie achter koolhydraatarm is dat door het verhogen van je metabolisme en de aanvoer van goede brandstof (goede vetten) je vet gaat verbranden.
Je lichaam heeft nu eenmaal een minimum aan brandstof nodig om te functioneren en die brandstof moet in de juiste verhouding zijn.
Het drastisch verminderen van kcal en dus vetten in je voeding heeft het tegenover gestelde effect zoals bij de meeste andere diëten. Je krijgt hierdoor een tekort aan voedingsstoffen en kcal en je lichaam zegt “ het is crisis, bekijk het maar, maar ik hou lekker vast wat ik heb” en je valt dus niets meer af.

Als je lichaamsvet wil verbranden dan heb je dus voldoende aanvoer nodig, eigenlijk heel simpel.
Door het eten van gezonde koolhydraten in de vorm van groenten worden weinig kcal geleverd. Gemiddeld zit je met 20 gr koolhydraten op 80 kcal, bij 25 gr op 100 en zo verder.
Eiwitten heb je nodig voor de aanmaak van nieuw weefsel, maar ook niet meer dan dat. Gemiddeld eet je tussen de 70 en 90 gram eiwitten, dat levert tussen de 200 en 300 kcal op. De inname van eiwitten is voor iedereen verschillend en kun je berekenen met de “Handleiding bepalen van jou ideale nutriënten balans”.
Een teveel aan eiwit wordt niet gebruikt door je lichaam en omgezet in vet om te bewaren voor later. Een tekort aan eiwitten verbrand je spieren en zorgt niet voor herstel van weefsel.
Je ziet dat je op amper op 400 kcal uitkomt, dat is veel te weinig om te functioneren. Dus vul je je kcal aan met gezonde vetten uit olijfolie, kokosolie, lijnzaadolie, noten en zaden, avocado, vlees/vis/kip/ei en een beetje zuivel tot een voor jou acceptabel aantal kcal.
In welke vetten kun je lezen wat vet nu precies doet in je lichaam en welke vetten belangrijk zijn.
Dat aantal is ook weer voor iedereen verschillend. Het is duidelijk dat iemand die niet actief is en 163 cm lang is, minder kan eten als iemand en nodig heeft als iemand die 175 cm lang is en vrij actief.

Door actief te zijn verhoog je de aanmaak van spierweefsel. Hierdoor zet je het lichaam ook aan tot extra verbranding van lichaamsvetten. Het voordeel van het aanmaken van spieren is dat het juist de spieren zijn die om energie vragen en de vetverbranding stimuleren.
Spieren wegen meer dan vetten. Dus als je regelmatig sport en er gaat geen gram af, dan wil dit nog niet zeggen dat je niet afvalt.
Wanneer je lichaamsvet verbrandt en je door de aanmaak van spieren geen gewicht verlies, ben je toch bezig om de achterliggende doelen van het afvallen te behalen. Door een afname van het vetpercentage krijg je een strakker figuur, wordt je gezonder en ga je lekkerder in je vel zitten.

Als dat is waar het om gaat en voor het overgrote deel van de mensen gaat het daar om heeft het dus weinig zin om te wegen hoe zwaar je bent, en bij te houden hoeveel kilo lichaamsgewicht je bent kwijt geraakt. Een gewichtsverlies van 5 kilo kan namelijk betekenen dat je 5 kilo aan vet bent kwijtgeraakt. Maar het kan ook zijn dat je 10 kilo aan lichaamsvet minder hebt en dat je in dezelfde periode 5 kilo aan spieren hebt aangemaakt. En verlies van 5 kilo aan lichaamsgewicht kan zelfs betekenen dat je bijvoorbeeld 3 kilo vet bent kwijtgeraakt en ook nog eens 2 kilo aan spieren. Dit zijn totaal verschillende situaties, maar wanneer je enkel naar het lichaamsgewicht kijkt wordt elk van deze situaties hetzelfde beoordeeld.

Als je beweegt of sport heeft je lichaam calorieën nodig. Voor een optimale vetverbranding kun je het best zoeken naar een activiteit waarbij je hartslag op 60 tot 70% van het maximum zit.
Als je wilt afvallen hoef je dus niet steeds op de weegschaal te gaan staan. Het is beter om je vetpercentage regelmatig te meten. Wanneer je vetpercentage naar beneden gaat zit je op de goede weg.

Bijkomend voordeel van koolhydraatarm afvallen is het in ketose komen, waardoor je nog beter je vetten verbrand. Je hoeft dus niet perse te sporten om vet te verbranden met deze levenswijze.
hier kun je lezen over ketose.

Je vetpercentage kun je op verschillende manieren meten. Er instrumenten waarmee je dit kunt doen. Deze zijn erg duur maar er zijn diëtisten, klinieken en ziekenhuizen die over deze apparaten beschikken en waar je tegen betaling gebruik van kan maken.
Naast het feit dat je veel geld kwijt bent met het meten van je vetpercentage op deze manier is het onpraktisch, zeker wanneer je regelmatig wilt meten. Het is dan veel eenvoudiger om een aantal maten van je lichaam op te meten. Meet met een meetlint je nek, borst, bovenbuik, middel (over je navel),buik, heupen en bovenarmen, bovenbenen en kuiten. Omdat je linker- en rechter lichaamshelft kunnen verschillen is het belangrijk om alle vier de ledematen te meten.
Met deze maten weet je misschien niet wat je vetpercentage is, maar je kunt wel goed bijhouden of je aan het afvallen bent of niet. Een afname van het aantal centimeters houdt in dat je bezig bent met afvallen (je vetpercentage wordt lager; zelfs als je geen gewicht verliest) of niet. Een afname van het aantal centimeters houdt in dat je bezig bent met afvallen en dat je dus op de goede weg bent als het gaat om een strakker figuur, een betere gezondheid en een lekkerder gevoel.

Hoe vaak meet en weeg je nu?
Elke week op dezelfde dag en tijdstip meet je je centimeters.
Dus maar 1x in de week meten en wegen zou je maar 1x in de maand hoeven te doen.
De obsessie om elke dag op de weegschaal te staan is niet gezond voor je gemoedstoestand. Want ga maar na, wat gebeurt er met je als je niks afvalt op de weegschaal? Hoe voel je je, wat is je gedrag, welke beslissingen neem je?

Onderstaand nog 2 nuttige linken en extra tips als er helemaal niets gebeurt, dus ook niets in centimeters, die de graadmeter zijn of je in ketose zit of niet.
Handleiding invullen Ketobuddy berekening
Help: ik val niet af

Print Friendly

Please rate this